Taxibus

Geen compensatie voor vervoersvolume dat afwijkt van voorbeeld in aanbesteding

Taxibedrijven proberen soms extra vergoedingen af te dwingen als vervoersvolumes anders uitpakken dan in de aanbesteding was voorgespiegeld. Maar die informatie in aanbestedingen is eigenlijk altijd indicatief. De gegevens worden meegegeven als uitgangspunt voor inschrijvingen, maar het zijn geen aantallen waar vervoerders rechten aan kunnen ontlenen. Dat bleek ook weer in een recente rechtszaak, waar de vervoerder in kwestie bot ving.

In stukken van taxi-aanbestedingen staat doorgaans informatie over het uit te voeren vervoer als voorbeeld. Dit vormt vaak het uitgangspunt voor inschrijvingen. Er wordt echter ook nagenoeg altijd vermeld dat er aan die gegevens geen rechten kunnen worden ontleend in de uitvoering van de opdracht. Toch proberen vervoerders af en toe om, als de contracten al zijn afgesloten, extra vergoedingen af te dwingen als de aantallen in de praktijk anders uitpakken dan in de aanbesteding was voorgespiegeld. Maar ook in een recente zaak liep dat voor de vervoerder in kwestie op een teleurstelling uit.

Wijzigingen adressen en ophaaltijden

Deze vervoerder kreeg van een zorginstelling een perceel gegund voor vervoer naar dagbestedingslocaties, werkadressen en eventuele andere adressen. In dat bestek stond ook dat de opdrachtnemer rekening moet houden met wijzigingen in adressen, openingstijden van locaties en ophaaltijden van cliënten. De prijs voor het vervoer kon daardoor  niet veranderen. Alleen bij uitzonderlijke wijzigingen kon er opnieuw over die tarieven worden overlegd.

Het bestek kende ook een bijlage met daarin het aantal cliënten, locaties en beladen uren. Deze informatie was indicatief, wat vaak voorkomt in vervoersaanbestedingen. Desondanks sprak de vervoerder kort voor aanvang van het werk al zijn zorgen uit over de haalbaarheid van de planning. Later werd ook gevraagd om een eigen planning te mogen maken, maar dat bleef conform het bestek een taak van de opdrachtgever.

100.000 euro tekort

Het bedrijf vreesde vooral dat de verhouding tussen beladen en onbeladen tijd in zijn nadeel zou uitpakken, aangezien er per beladen reisuur zou worden uitbetaald. Uiteindelijk probeerde de vervoerder voor twee van de drie jaren aanspraak te maken op compensatie, omdat het in die jaren meer dan 100.000 euro tekort zou zijn gekomen. In het derde jaar werden de routes door de opdrachtgever aangepast, waardoor er meer flexibiliteit stond in de aankomsttijden en het vervoer dus efficiënter kon.

Om zijn gelijk te halen, stapte het taxibedrijf naar de rechter. Die gaf het bedrijf ongelijk en in hoger beroep deed het gerechtshof dat ook. De vervoerder deed een beroep op dwaling: het zou door het verschil tussen bestek en praktijk op een dwaalspoor zijn gebracht. Dat argument hield echter geen stand. Liesbeth Haverkort van Infense Advocaten licht het vonnis toe.

Fictief voorbeeld van rittenplanning

“De vervoerder had eigenlijk twee argumenten voor dwaling. Ten eerste werd beweerd dat het vervoer naar de werkplek aan de opdracht zou zijn toegevoegd aan het contract. Maar dat was niet zo, want dat werk viel van meet af aan al onder de opdracht”, legt Haverkort uit. “Het tweede argument was dat de eerdergenoemde bijlage geen reëel beeld van de rittenplanning zou hebben gegeven. Het gerechtshof vindt weliswaar dat die bijlage niet uitblinkt in duidelijkheid, maar het ging om een fictief voorbeeld. In de eerste Nota van Inlichtingen is bovendien benadrukt dat die informatie niet bindend was. Het gerechtshof vindt het dan ook voor het eigen risico van de vervoerder om op die indicatieve informatie te koersen.”

In zijn algemeenheid bevestigt deze uitspraak wat velen in de branche al weten: aan de gegevens en voorbeelden in een aanbesteding kunnen geen rechten worden ontleend. Het beroep op daling in deze kwestie had dus weinig kans van slagen. “Van dwaling is sprake wanneer er in de aanbestedingsstukken echt sprake is van een onjuiste voorstelling van zaken”, legt Haverkort uit. “Maar in taxi-aanbestedingen wordt eigenlijk altijd gesproken van indicaties waar de inschrijvers geen rechten aan kunnen ontlenen. Deze zaak bevestigt dat maar weer.”

Liesbeth Haverkort verzorgt op 11 oktober tijdens het Nationaal Congres Contractvervoer een sessie over de juridische ontwikkelingen op het gebied van taxi-aanbestedingen. Dat zal zij doen aan de hand van voorbeelden uit de praktijk. Bekijk het volledige congresprogramma en schrijf je vervolgens hier in voor deelname aan het Nationaal Congres Contractvervoer 2018 in Expo Houten.

Auteur: Vincent Krabbendam

Vincent Krabbendam is de vaste redacteur van TaxiPro en het tijdschrift Nederlands Vervoer. Hij schrijft ook voor diverse andere titels van ProMedia.

3 reacties op “Geen compensatie voor vervoersvolume dat afwijkt van voorbeeld in aanbesteding”

Ingrid Hermans|29.06.18|23:04

Vervoerder had een beroep op risicoallocatie kunnen doen of dat alsnog doen, dwz dat het risico daar hoort te vallen waar men het meeste invloed kan uitoefenen op het verwezenlijken van dit risico Dat is hier duidelijk de opdrachtgever die de planning bepaalde. Zeker nu blijkt dat dit in jaar 3 wel is gerealiseerd. Voorschrift 3.9A Gids proportionaliteit.

Paul Dijkhuizen|30.06.18|20:58

Is toch eigenlijk heel vreemd dat er in een aanbesteding fictieve getallen worden gebruikt waar van afgeweken kan worden en waar geen rechten aan kunnen worden ontleend? Misschien als taxiondernemer voortaan ook maar een prijsindicatie geven ‘waaraan geen rechten kunnen worden ontleend en die in de praktijk wel eens hoger uit zou kunnen vallen’.

Pierre van Aert|02.07.18|15:11

Als je dat in de aanbestedingsofferte op neemt, dan krijg je zeker en vast die aanbesteding niet.

Tenzij elke aanbieder dat als een vast punt onderling afgesproken op neemt.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.