Munckhof

Munckhof: altijd afwegen of opdracht bij ons past

Munckhof is in de laatste jaren sterk gegroeid als aanbieder van doelgroepenvervoer. Volgens Jos Poortinga, directeur taxi bij Munckhof, zijn grootschaligheid en flexibiliteit essentieel om het vol te kunnen houden in de huidige vervoersmarkt. “De taximarkt is eigenlijk een landelijke projectmarkt geworden.”

Net als veel andere vervoerbedrijven is Munckhof ooit uit andere activiteiten voortgekomen. Het bedrijf werd in 1927 opgericht door de opa van Erik van den Munckhof. Hij was smid en besloot op enig moment ook andere werkzaamheden te gaan ontplooien. Met de aanschaf van een eerste bus werd de touringcarmarkt betreden. Het taxivervoer kwam er pas veel later bij, in 1995. En weer later werd de derde bedrijfstak toegevoegd, Business Travel. In dat verzorgen van internationale zakelijke reizen behoort Munckhof tot de grootste spelers van Nederland, net als op het gebied van taxi en touringcar.

Alles bij elkaar heeft Munckhof nu zo’n 2.000 mensen in dienst, waarvan circa 1.500 taxichauffeurs. “Dat aantal groeit voortdurend. Onlangs begonnen we bijvoorbeeld met het leerlingenvervoer in Amsterdam en daar zijn 180 nieuwe chauffeurs bij betrokken”, legt Poortinga uit. Het bedrijf beschikt over 1.400 eigen taxivoertuigen en zo’n 35 touringcars.

Jos Poortinga is directeur taxi bij Munckhof. Hij legt uit dat het taxivervoer door Munckhof in minder dan 25 jaar een forse groei heeft doorgemaakt. “Het begon midden jaren ’90 van de vorige eeuw met vervoer voor een paar lokale zorginstellingen. Intussen zijn we in heel Nederland werkzaam. Met name in de laatste vijf jaar heeft dat echt een vlucht genomen. Daardoor zijn we uitgegroeid tot één van de grotere taxibedrijven die landelijk opereren.”

Goed uit de voeten met aanbestedingen

Die groei is deels voortgekomen uit het systeem met aanbestedingen. Het landelijk en op grote schaal werken is volgens Poortinga een voorwaarde om goed te kunnen functioneren in het Nederlandse contractvervoer. “Je ziet dat veel andere bedrijven die voorheen vooral in de eigen regio actief waren ook landelijk zijn gaan werken. Dat zijn de partijen die goed uit de voeten kunnen met vervoersaanbestedingen zoals die nu in de markt worden gezet.”

Dergelijke aanbestedingen vormen volgens Jos Poortinga een lastig en complex vakgebied. “Het is per definitie subjectief. Voor een aspect van een inschrijving krijg je van de ene opdrachtgever een 9, terwijl de ander er een 6 voor geeft. Uiteindelijk schrijven de grote vervoerders voor 90 procent dezelfde inschrijvingen. Het onderscheid maak je met die overige 10 procent. Daarin moeten we innovatief zijn en overbrengen dat wij de juiste partij zijn om de klus te klaren. Ons tenderteam moet de juiste toon vinden, inspelen op de lokale omstandigheden en zich inleven in de opdrachtgever.”

Voor een ander deel komt de groei van Munckhof door faillissementen van onderaannemers, waar ook veel mee wordt gewerkt. “Daar hebben we de laatste jaren geregeld mee te maken gehad. Als zo’n onderaannemer failliet gaat, kijkt de opdrachtgever naar ons voor de continuïteit. Door zulke omstandigheden zijn we meer dan eens ergens ingesprongen. Neem Zaandam: daar hebben we nu ons grootste vestiging, maar tot een aantal jaren geleden was die operatie van een onderaannemer.”

Voortbouwen op basis

Belangrijk binnen de werkwijze van Munckhof is de projectmatige aanpak, “want vervoerscontracten worden maar voor een aantal jaren gegund. Als het goed gaat, kun je daarna verder. Dan heb je een basis in een gebied waarop je kunt voortbouwen. Maar opdrachten kunnen ook weer wegvallen als je de volgende aanbesteding van datzelfde vervoer niet wint. Als organisatie moet je dus flexibel genoeg zijn om op of af te kunnen schalen. Bedrijven die dat goed kunnen, domineren op dit moment de markt.”

De basis van die noodzakelijke kwaliteit zit in Horst, waar Munckhof zijn kantoororganisatie en regiecentrum heeft. “Daardoor kan de uitvoering van het taxivervoer per gebied vanuit één centrale organisatie worden aangestuurd. Dat stelt ons goed in staat om in gebieden waar dat nodig is de aantallen taxi’s en chauffeurs, maar ook de lokale organisatie daarachter, op of af te schalen.”

‘Past dit vervoer bij ons?’

Met het leerlingenvervoer in Amsterdam kreeg Munckhof er een grote opdracht bij. Het laat ook goed zien hoe de beschreven werkwijze van het bedrijf in de praktijk werkt. Zo was er met de locatie in Zaandam en diverse stallingen in de omgeving al een bestaande organisatie in de regio. “Sterker nog, dat was ook wel een voorwaarde om voor deze opdracht te kunnen gaan. We maken altijd een afweging. Past dit bij ons? Kunnen we dit op een manier doen die voor iedereen goed werkt?”, legt Poortinga uit.

Bij het leerlingenvervoer in Amsterdam werden die vragen bevestigend beantwoord. Maar soms is het antwoord op die vragen ‘nee’. “We hebben bijvoorbeeld niet ingeschreven op het wmo-vervoer in Amsterdam. Op dat moment en in die vorm was dat te complex en zijn we van die opdracht weggebleven. Ook omdat we andere prioriteiten hadden. Maar het leerlingenvervoer in Amsterdam past juist wel goed bij ons en dat blijkt ook in de uitvoering.”

De markt is veranderd

De landelijke groei betekent ook dat Munckhof al lang geen regionaal bedrijf meer is. Toch is dat in zijn algemeenheid een veelgehoorde klacht. ‘Wat komt dat ‘taxibedrijf van buiten’ hier doen? We hebben hier toch vervoerders?’ Ook Munckhof hoort dat soort geluiden “wel eens, maar het ebt steeds meer weg. Mensen zien steeds meer in dat de markt niet meer zo in elkaar steekt dat een lokaal bedrijf ook per definitie het lokale doelgroepenvervoer rijdt. De taximarkt is eigenlijk een landelijke projectmarkt geworden.”

Met het werk groeit ook het aantal chauffeurs mee. Tegelijk is daar sectorbreed een tekort aan. Munckhof merkt daar in de ene regio meer van dan in de andere. Maar al met al lukt het nog steeds om voldoende mensen achter het stuur te krijgen. “We hebben nu nog geen groot probleem, maar we sluiten onze ogen niet voor wat er gaande is”, legt Poortinga uit.

“Reputatie is in dit verband belangrijk. Chauffeurs werken graag voor ons omdat we ze goed behandelen. We betalen op tijd en conform de cao. Dat zou heel gewoon moeten zijn, maar dat is het in deze sector niet. Verder hebben we een organisatie waarin chauffeurs altijd bij iemand kunnen aankloppen als er iets speelt, zowel privé als op de weg. Die basis en aandacht is wel belangrijk voor chauffeurs, die een groot deel van de tijd immers op zichzelf werken.”

Achter de feiten aanlopen

Nu is echter een periode aangebroken waarin het bedrijf even pas op de plaats wil maken. Een groei zoals Munckhof die de laatste jaren heeft meegemaakt vraagt immers veel van de bedrijfsorganisatie. Poortinga: “Zoals aangegeven zijn we flexibel, dus het vele opschalen van de laatste jaren is ons goed afgegaan. Maar hoe snel je ook opschakelt bij groei: je loopt altijd achter de feiten aan. En je moet ook goed naar zaken als rendement blijven kijken. Daarom nemen we nu even de tijd om te kijken of alles ook echt zo efficiënt en rendabel mogelijk georganiseerd is.”

Dat wil echter niet zeggen dat Munckhof achterover gaat leunen. De markt is in ontwikkeling en de vervoerder wil graag een vinger aan de pols houden. “Het idee achter het scheiden van regie en vervoer was dat het vervoer weer meer door lokale MKB-bedrijven kon worden gedaan. Dat gebeurt ook wel, maar in de praktijk rijden wij best vaak vervoer op plekken waar we niet de regie doen”, licht Jos Poortinga toe. “En we blijven ook alles doen: regie en vervoer, al dan niet gecombineerd, met of zonder onderaannemers. Al die segmenten bestaan in het contractvervoer  naast elkaar en wij willen ze graag allemaal blijven bedienen.”

Auteur: Vincent Krabbendam

Vincent Krabbendam is de vaste redacteur van TaxiPro en het tijdschrift Nederlands Vervoer. Hij schrijft ook voor diverse andere titels van ProMedia.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.