Elektrisch laden. Foto: ProMedia (VK)

Nederland ‘proeftuin’ in groot Europees onderzoek naar slim laden

In Utrecht, Eindhoven en Rotterdam wordt de komende tijd onderzoek gedaan naar het slim opladen van elektrische voertuigen. Ook het terugleveren van energie aan het elektriciteitsnet wordt daarin verkend. De proeven in de steden maken deel uit van een groot Europees onderzoeksproject, laat kenniscentrum ElaadNL weten.

Het project heet SCALE, wat staat voor Smart Charging ALignment for Europe, en is deze maand gestart. Aan het onderzoeksproject doen onder meer universiteiten, overheden, autofabrikanten als Hyundai, VDL en Renault, producenten van laadinfrastructuur en netbeheerders mee.

In Utrecht focussen onderzoekers op het grootschalig inzetten van elektrische auto’s in het verminderen van pieken in de stroomvraag. Doordat ze op momenten dat daar behoefte aan is ook stroom terugleveren, opereren ze samen als een “virtuele energiecentrale”, legt ElaadNL uit. Aan dit soort toepassingen is steeds meer behoefte, want op diverse plekken in Nederland zit het elektriciteitsnet al aan zijn taks. Bij de proef in Utrecht zijn 500 auto’s en 3.000 laadpunten betrokken.

Optimaal laden

Een ander onderdeel van het programma, in Rotterdam en Utrecht, draait om de vraag hoe lichtere elektrisch aangedreven voertuigen het meest optimaal geladen kunnen worden. “Door slim laden wordt het tijdstip en de snelheid van laden automatisch aangepast aan bijvoorbeeld de opwek van duurzame stroom en voor het vermijden van pieken op het stroomnet”, legt de stichting die het project leidt uit. In Eindhoven wordt juist gekeken naar het opladen van zware elektrische voertuigen, zoals trucks.

In totaal gaan de organisaties die betrokken zijn bij het project drie jaar onderzoek doen. Ze willen daarmee bijdragen aan het EU-doel van een “energiesysteem dat tegelijkertijd zowel de transport- als de energiesector koolstofarm maakt”. Het streven van de Europese Commissie is om tegen 2030 zo’n 30 miljoen elektrische voertuigen op de weg te hebben

ANP

Auteur: Redactie

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.