Protest touringcars. Foto: Busvervoer NL

‘Huidige coronasteun schiet hopeloos tekort voor touringcars’



Door de coronacrisis moest Busvervoer Nederland opeens een heel andere lobby voeren: gericht op Den Haag in plaats van Brussel, en bovendien in een snelkookpan. Theo Vegter schrijft in zijn eindejaarsblog voor TaxiPro dat er best het nodige is bereikt, maar dat de touringcarsector nog veel meer nodig heeft om kans op overleven te hebben.

Vorig jaar rond deze tijd speelden er twee belangrijke thema’s in de touringcarsector. De discussie ging extern volop over het eerste mobiliteitspakket van de EU en intern spraken we het over het einde van het touringcarkeurmerk. Wel een bewogen, maar verder eigenlijk een gewoon jaar. Zoals altijd kwam het belangrijkste touringcarbeleid uit Brussel en contacten met politici onderhielden we voornamelijk daar. De Tweede Kamer? Vooral een zaak van samenwerken met de toerismesector of onze zusterverenigingen. We hadden en hebben nog steeds gezamenlijke belangen.

Hoe anders was dat slechts drie maanden later. Ons blikveld is noodgedwongen een stuk kleiner: we kijken alleen nog naar Nederland. We hebben, weliswaar op veilige afstand, nauwer contact dan ooit met Kamerleden. En we spreken ze alleen maar over de nadelige effecten van Covid-19 op onze sector. Over te generieke steunpakketten, over het tekortschieten van deze maatregelen en over het maatschappelijk belang van de touringcarsector.

Supersnelle contacten

Uiteraard ontkom je er dan niet aan om je even af te vragen: hadden we dat nou niet anders moeten doen? Lobbytrajecten waar je anders jaren voor uittrekt, moesten nu met stoom en kokend water. Wat als we de afgelopen jaren de focus op Den Haag hadden gehad en niet op Brussel? Was het dan anders of sneller geweest? Het antwoord op die vraag is: nee. Contacten leggen gaat in deze bijzondere tijd supersnel. Naar de juiste argumenten wordt uiteindelijk geluisterd door Kamerleden. Een cynische indicator om dit aan af te lezen is dat sectoren die al jaren de deur plat lopen in Den Haag op dit moment met even volle of even lege handen staan.

En we bereikten ook heus wel wat: aanvankelijk stonden we niet op de TOGS-lijst, maar dat konden we rechtzetten. Daardoor kwamen de bedrijven ook in aanmerking voor de TVL (tegemoetkoming vaste lasten). Diezelfde TVL werd onlangs aangepast zodat er een groter deel van de vaste lasten werd vergoed. Dat kwam ook deels door onze lobby. Niet voor niets noemde minister Wiebes expliciet onze branche als een van hardst geraakte sectoren.

Grootste tekortkoming

Natuurlijk blijft er veel te wensen over. Ondanks het ophogen van de TVL schieten de huidige regelingen nog steeds hopeloos tekort voor de touringcarsector. Ik kan wel wat voorbeelden noemen. De seizoensinvloeden die onze sector kent, hebben in veel gevallen een desastreuze invloed op de hoogte van het subsidiebedrag in het vierde kwartaal. Het gehanteerde percentage vaste lasten (33 procent) is bijvoorbeeld voor bedrijven die investeerden in duurzame nieuwe bussen een klap in het gezicht. Maar de belangrijkste tekortkoming van de TVL is toch echt het maximumbedrag dat eraan gekoppeld is. Elk bedrijf dat meer dan acht touringcars heeft is met dat bedrag domweg niet geholpen. Wat als ik u vertel dat 82 procent van de Nederlandse touringcars rondrijdt bij een bedrijf met meer dan acht touringcars?

Gelukkig luisteren Kamerleden naar onze noodkreten. Nog voor het reces spreken we opnieuw met ze. Als u toevallig naar de Kamerdebatten over de nieuwste steunmaatregelen heeft gekeken, dan weet u dat de heer Stoffer van de SGP en mevrouw Postma van het CDA begrijpen hoe de vork in de steel zit. We zijn dan ook nog lang niet klaar.

Theo Vegter, voorzitter Busvervoer Nederland

Auteur: Vincent Krabbendam

Vincent Krabbendam is de vaste redacteur van TaxiPro en hoofdredacteur Personenvervoer & Verkeer bij ProMedia.

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.