Taxi Expo 2019

Henri Tordoir gaat met pensioen: ‘Taxi was rode draad in mijn loopbaan’

Henri Tordoir is in meer dan veertig jaar uitgegroeid tot hét gezicht van Mercedes-Benz in de Nederlandse taxibranche. Nu gaat ‘mister Taxi’ bijna met pensioen. Daarom blikt Tordoir samen met TaxiPro terug op wat er in die jaren veranderd is en wat er de komende jaren nog veranderen zal. “De goede band met de taxisector is er tot op de dag van vandaag.”

Rond 1980 draaide de taximarkt in Nederland nog vooral om individueel vervoer van consumenten. Daarin waren in de steden vooral grotere bedrijven en taxicentrales actief en daarbuiten met name veel kleine ondernemers. De aanbestedingen voor doelgroepenvervoer zetten het speelveld op zijn kop, stelt Tordoir.

“Diverse openbaar vervoerbedrijven wilden die aanbestedingen graag binnenhalen en om een eigen taxipoot op te richten, namen zij veel van die kleine bedrijven over. Inmiddels zijn er door overnames en slim inschrijven een paar spelers van enorme omvang ontstaan die de markt voor aanbesteed vervoer voor een flink deel bepalen. Daaronder zit een laag met veel middelgrote bedrijven, die vaak als onderaannemer rijden. De meeste kleine taxibedrijven zijn inmiddels verdwenen, in elk geval in het contractvervoer.”

Iets aan verdienen

Door de aanbestedingen verschoof het zwaartepunt in taxivervoer ook van personenauto’s naar busjes. “Helaas zag je een jarenlange harde concurrentie om die aanbestedingen maar te winnen, waarbij niet zelden onder de kostprijs werd ingeschreven”, blikt Tordoir terug. “Daar is gelukkig grotendeels een einde aan gekomen. Tegenwoordig schrijven bedrijven vooral in met tarieven waar ze ook nog iets aan kunnen verdienen. Daar helpt die schaalgrootte dan wel weer bij, want met veel auto’s en een relatief lage overhead hou je ook makkelijker iets over onder de streep.”

De straattaximarkt in de steden is in de loop van vier decennia eveneens sterk veranderd. De contacten met de grote centrales (nu vaak TTO’s) zijn er nog steeds, maar het marktaandeel van Mercedes-Benz is wel afgenomen. “In de grote steden had je vroeger een hele dure vergunning nodig om taxi te mogen rijden. Maar door de Wet personenvervoer 2000 is die markt geliberaliseerd en volledig op zijn kop gezet. De kwaliteit is over het algemeen afgenomen, waardoor veel gemeente toch weer aanvullend beleid zijn gaan voeren. En veel eigen rijders van nu hebben gewoon minder te besteden als het om voertuigen gaat.”

Welke kant op?

Hoe anders zag de taxiwereld er uit toen Tordoir in 1976 bij Mercedes begon als uitzendkracht. Eigenlijk tijdelijk, maar de samenwerking beviel en hij werd gevraagd te blijven. Halverwege 1977 kwam hij vast in dienst en begon hij aan een intern job rotation-traject. “Na twee jaar kon ik ook goed inschatten welke kant ik precies op wilde. Zo ben ik terechtgekomen bij de divisie bedrijfswagens, toen nog de Mercedes Hanomag Combinatie (MEHACO) geheten.”

Tekst loopt door onder de foto

Mercedes-Benz 230 E, 1981

De kostprijscalculaties die hij daar onder meer ging maken, brachten hem in aanraking met de taxibranche. “De taxibedrijven reden toen vooral met grote Amerikaanse auto’s. Die waren immers goedkoop in aanschaf, terwijl Mercedes op dat vlak een relatief duur merk was. Maar in de totale kostprijs was de onze 200d aanzienlijk voordeliger dan een benzine slurpende Amerikaan. Dus met die boodschap zijn we taxiondernemers gaan benaderen.”

Een belangrijk kantelpunt was de Personenauto RAI van 1980. Daar werden door Tordoir en zijn collega’s bijeenkomsten voor taxiondernemers georganiseerd. “Daar zijn we het verhaal van de voordelige kostprijs van onze auto’s met succes gaan vertellen. En voor mij is daar ook de nauwe band met de taxisector ontstaan die er tot op de dag van vandaag is”, aldus Tordoir.

Contact met de eigenaars

Veel van wat er in al die jaren gebeurde is nu nauwelijks meer voor te stellen. “Zo hadden we inzake de Treintaxi een exclusiviteitscontract voor de levering van auto’s. Dat zal nu niet snel meer gebeuren, een opdrachtgever die feitelijk bepaalt met welk merk en type auto de opdrachtnemers moeten rijden.” Het is niet de enige verandering. “In het verleden had je vooral contact met de eigenaars van de taxibedrijven. Nu zijn er gewoon niet zoveel directeur-grootaandeelhouders meer in de branche.”

Opvallend genoeg vindt Tordoir de ontwikkelingen op het vlak van de voertuigen “eigenlijk niet zo spectaculair. Het begon voor mij met de 200d, nog steeds mijn persoonlijke favoriet en een icoon in de taxiwereld. En de E 200D is nog steeds een gewaardeerd taximodel. Natuurlijk is er qua brandstoffen en verbruik daarvan wel veel verbeterd, waardoor de kostprijsstijgingen beperkt zijn gebleven.”

Een echt grote transitie is volgens Henri Tordoir nu in volle gang, zowel in taxivervoer als mobiliteit in brede zin: elektrificering. “In vervoersaanbestedingen wordt steeds meer om zero emissie-voertuigen gevraagd. Nu is dat vooral batterij-elektrisch, in de toekomst hopelijk waterstof. Als merk springen we daar goed op in, want ons aanbod in elektrische personenbusjes en sluit precies aan op wat er in de aanbestedingen allemaal wordt gevraagd. De eVito Tourer, met een actieradius WLTP van 360 kilometer, is daar een mooi voorbeeld van.”

Tekst loopt door onder de foto

Tordoir met de elektrische Vito

Die ontwikkeling zal de komende jaren doorgaan, verwacht Tordoir. “Voorlopig ligt de focus op batterij-elektrisch. Voor busjes is dat echter nog niet zo eenvoudig, want je hebt relatief zware batterijpakketten om zo’n voertuig een goede actieradius te geven. Dat is ons nu gelukt, maar ik denk wel dat rijden op waterstof echt de toekomst heeft. Het maakt een veel meer praktische en efficiënte inzet van de voertuigen mogelijk.”

Staand, zittend en liggend vervoer

Tordoir hield zich overigens niet alleen met taxi’s bezig. Hij vat het zelf samen met staand, zittend en liggend vervoer. “Zo heb ik de gepantserde auto’s voor diverse ministeries mogen leveren. En ik ben al een aantal jaren verantwoordelijk voor de levering van voertuigen voor politie, brandweer en ambulancediensten. Verder was ik een tijdlang verantwoordelijk voor de afzet van gebruikte voertuigen in Nederland. Dus ik heb niet alleen maar taxi gedaan, maar taxi is wel altijd de rode draad in mijn carrière geweest.”

Nu gaat hij midden in een rare tijd met pensioen. Door de coronacrisis werkte ook hij het afgelopen jaar veel vanuit huis. “Alle regels en beperkingen die dat met zich meebrengt kan ik na mijn pensionering gelukkig loslaten”, kijkt hij vast vooruit. “Maar alle contacten ga ik enorm missen. In de taxisector, maar zeker ook in de andere branches waarmee ik heb samengewerkt. Het taxi-stokje wordt uiteraard van mij overgenomen, en wel door Cindy de Rooij. Zij werkt al langer bij Mercedes-Benz Vans en daarvoor lange tijd bij een Mercedes Benz-dealer, dus ze is de aangewezen persoon om mij op te volgen. En zelf hoop ik bij de volgende Taxi Expo alsnog persoonlijk afscheid te kunnen nemen van alle contacten in de taxibranche.”

Auteur: Vincent Krabbendam

Vincent Krabbendam is hoofdredacteur Personenvervoer & Verkeer bij ProMedia. Binnen dat team is hij de vaste redacteur van Infrasite.nl.

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.