Veel onduidelijkheid over nieuwe Wet Werk en Zekerheid

Professionals uit de taxibranche hebben nog veel vragen over de aanstaande wijzigingen op het gebied van arbeidscontracten. De Tweede Kamer heeft eerder dit jaar de nieuwe Wet Werk en Zekerheid goedgekeurd, maar voor veel taxi-ondernemers is nog lang niet duidelijk wat er allemaal gaat veranderen en per wanneer. Dat bleek op de Nationale Taxidag tijdens een workshop van Nienke Klazinga van advocatenkantoor Köster uit Haarlem, in opdracht van uitzendbureau Consolid.

De nieuwe wet brengt diverse veranderingen met zich mee, onder meer op het gebied van ontslagvergoedingen, tijdelijke contracten en ontslagroutes. Zo mag een werknemer in de toekomst niet meer drie jaar, maar nog twee jaar op tijdelijke contracten werken. Het aantal tijdelijke contracten blijft wel gelijk, namelijk maximaal drie per werknemer.

Contract

Ook worden werkgevers verplicht om een maand vóór het aflopen van een tijdelijk contract, dat langer dan zes maanden duurt, duidelijkheid te geven aan de werknemer over eventuele verlenging. Veel bedrijven doen dit al, maar vanaf 1 januari 2015 wordt het verplicht. Wie zich niet houdt aan die plicht, kan daar nadelige gevolgen van ondervinden.

Als een werknemer bijvoorbeeld moet vertrekken aan het einde van januari en hij krijgt dat pas te horen nadat hij al tien dagen van januari heeft gewerkt, moet de werkgever na afloop van het contract nog een vergoeding doorbetalen, gelijk aan tien dagen loon.

Ontslag

Een andere wijziging vindt plaats op het gebied van ontslagroutes. Als een werknemer wordt ontslagen vanwege bedrijfseconomische redenen of na twee jaar ziekte, dient de route te verlopen via het UWV Werkbedrijf. Bij alle overige oorzaken volgt een procedure via de kantonrechter.

Een bepaling die de nodige vragen opriep tijdens de workshop betrof de transitievergoeding. Die vergoeding is nieuw in de wet en dient als een soort ontslagvergoeding, waarbij een werkgever geld aan de werknemer moet uitkeren. Dat geld kan de ontslagen medewerker gebruiken om aan ander werk te komen, bijvoorbeeld door zich te laten omscholen. De vergoeding komt in plaats van de huidige kantonrechtersformule.

Vergoeding

De transitievergoeding is verschuldigd als een werknemer twee jaar of langer in dienst is geweest en geldt dus ook voor personeel dat geen vast dienstverband heeft gehad, maar bijvoorbeeld op twee opeenvolgende jaarcontracten heeft gewerkt. De hoogte van de vergoeding is afhankelijk van de lengte van het dienstverband en de hoogte van het salaris.

In principe bedraagt de vergoeding een zesde van het maandsalaris per zes maanden. Wie twee jaar in dienst is geweest, krijgt dus vier zesde van een maandsalaris als transitievergoeding. Voor een werknemer die langer dan tien jaar in dienst is, wordt dit verhoogd van een zesde naar een vierde van het maandsalaris per zes maanden.

Werknemers

Werknemers die ouder zijn dan vijftig jaar en langer dan tien jaar in dienst zijn geweest, krijgen een half maandsalaris per zes maanden. Bij de regeling geldt een maximum van 75.000 euro of één jaarsalaris, als dit hoger ligt dan 75.000 euro. Kosten voor opleiding of outplacement kunnen in mindering worden gebracht op deze transitievergoeding.

Op sommige gebieden mag in de cao worden afgeweken van regels uit de Wet Werk en Zekerheid. Zo mag er een derde ontslagroute worden ingesteld, waarbij het einde dienstverband wordt afgehandeld door een ontslagcommissie. Ook op het gebied van de transitievergoeding mogen andere bepalingen in de cao worden opgenomen.

Tom van Gurp

Lees ook: Taxichauffeurs na twee jaar vast contract door Wet Werk en Zekerheid

Auteur: Tom van Gurp

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.