Rechter, rechtbank. Foto: iStock / Wavebreakmedia

Buschauffeurs krijgen gelijk: arbeidsverleden telt mee bij ontslagvergoeding uitzendkracht

Bij het bepalen van de transitievergoeding van uitzendkrachten is hun volledige arbeidsverleden van belang. Dat oordeelde de rechtbank Noord-Holland in een zaak die zes buschauffeurs hadden aangespand tegen uitzendbureau Workbus. Het bedrijf keek bij het bepalen van de ontslagvergoeding alleen naar de periode waarin de zes op de loonlijst van Workbus stonden, terwijl ze veel langer buschauffeur waren.

Vakbond CNV Vakmensen, dat de buschauffeurs ondersteunde bij de rechtszaak, spreekt van een uitspraak “die van groot belang is voor alle uitzendkrachten in Nederland”. De uitkomst moet volgens de bond ook worden gezien als signaal naar de overheid om flexconstructies in de sector tegen te gaan.

De betreffende buschauffeurs waren al jaren werkzaam in de concessie Arnhem-Nijmegen; sommigen reden er al meer dan tien jaar. Dat deden zij voor verschillende uitzendbureaus en onderaannemers van Connexxion, maar hun werkzaamheden bleven ongewijzigd. Zo nam Workbus het zestal in maart 2020 over van het failliet verklaarde TCR Group.

Tot 11.000 euro vergoeding

In september 2020 beëindigde Workbus de uitzendovereenkomst met het zestal. De transitievergoeding die zij meekregen bij hun vertrek, werd bepaald op basis van het halfjaar waarin zij op de loonlijst van Workbus stonden. Onterecht, oordeelde de rechter, omdat hun werkzaamheden niet veranderden toen zij hun handtekening zetten onder die overeenkomst. Daarom moet hun diensttijd bij TCR worden meegeteld bij de berekening van de transitievergoeding.

“Volgens de wet moet rekening worden gehouden met de diensttijd bij vorige werkgevers, omdat de buschauffeurs bij die werkgevers dezelfde werkzaamheden hebben verricht”, staat in de uitspraak. “Dat Workbus de buschauffeurs heeft overgenomen van een failliete werkgever, maakt niet uit.” Dit heeft tot gevolg dat de zes recht hebben op fors hogere vergoedingen: 8.400 tot 11.000 euro, in plaats van enkele honderden euro’s.

Signaal naar overheid

Henry Stroek, onderhandelaar van CNV Vakmensen, noemt de uitspraak een opsteker voor alle uitzendkrachten in Nederland. Voor de vakbond had de rechtszaak onder meer tot doel “om voor eens en altijd aan de uitzendbranche duidelijk te maken hoe het zou moeten”, aldus de onderhandelaar. “De rechtbank van Noord-Holland heeft een duidelijke uitspraak gedaan. Ook uitzendkrachten hebben recht op een volledige transitievergoeding.”

Volgens de vakbond moet de uitspraak tegelijkertijd worden gezien als een signaal naar de overheid als aanbesteder. Stroek: “Het moet allemaal zo goedkoop mogelijk. Het is natuurlijk van de zotte hoe dit in de praktijk gaat, dat chauffeurs al jaren rondrijden, van de ene flexconstructie naar de andere. Dit zou gewoon vast werk in dienst van de vervoersmaatschappij moeten zijn.”

Lees ook:

Auteur: Dylan Metselaar

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.