Leerlingen. Foto: iStock / monkeybusinessimages

RMC niet gecompenseerd voor dalend vervoersvolume

Aan aantallen leerlingen die in aanbestedingsstukken worden genoemd, kunnen vervoerders meestal geen rechten over het daadwerkelijke vervoersvolume ontlenen. Een recente uitspraak van de rechter bevestigt dat nog eens. RMC probeerde in Capelle aan den IJssel achteraf gecompenseerd te worden voor teruggelopen aantallen leerlingen in de taxi’s, iets wat in het nadeel van de vervoerder werd verrekend. Maar de rechter wees alle vorderingen af.

Om goed in te kunnen schrijven op een opdracht leerlingenvervoer moet een vervoerder weten hoe groot die opdracht ongeveer is. Een gemeente zal daarom in de aanbesteding altijd een indicatie geven van het aantal scholieren dat moet worden vervoerd, meestal door als voorbeeld het aantal van een voorgaand schooljaar te noemen. Daarbij wordt feitelijk ook altijd een voorbehoud gemaakt: aan die indicaties kunnen geen rechten worden ontleend; het zegt niets over het daadwerkelijke vervoersvolume of veranderingen daarin tijdens de looptijd van het contract.

In Capelle aan den IJssel was dat niet anders. Daar ging RMC op 1 januari 2012 aan de slag als leerlingenvervoerder. Inclusief een verlenging liep het contract tot 31 december 2016. Er was in de aanbesteding een indicatie van 250 leerlingen gegeven. Dat waren er in de eerste twee schooljaren respectievelijk 240 en 237. Per 2014-2015 zakte dat naar 198, daarna naar 148 en tot slot naar nog maar 135 te vervoeren scholieren in de tweede helft van 2016.

Ruim beneden de ondergrens

In het vervoerscontract was een bandbreedteclausule opgenomen, met een bandbreedte van 225 tot 275 leerlingen. Voor alles binnen die bandbreedte kreeg RMC een bedrag van bijna 1,1 miljoen per jaar. In de eerste twee schooljaren was er dan ook niets aan de hand. Maar in 2014-2015 kromp de groep te vervoeren scholieren naar 198, ruim beneden de ondergrens van 225.

Voor elke te vervoeren leerling boven de 275 zou RMC 4.321 euro extra krijgen. Omgekeerd zou er voor elke leerling onder de 225 datzelfde bedrag vanaf gaan. Voor 2014-2015 werd dat achteraf berekend en kreeg RMC een factuur van circa 135.000 euro, die onder protest werd betaald. In de jaren daarna daalden de vervoersvolumes verder en betaalde de gemeente een steeds kleiner bedrag uit.

Verordening aangepast

Als dat geld niet in mindering was gebracht, had RMC bijna 700.000 euro meer aan deze opdracht verdiend. Dat geld probeerde het bedrijf via de rechter terug te vorderen. De gemeente Capelle aan den IJssel zou namelijk in 2014 tijdens de wedstrijd de spelregels hebben veranderd door een verordening aan te passen. Daardoor zouden veel minder leerlingen dan voorheen aanspraak maken op taxivervoer. RMC vorderde daarom primair die 7 ton terug, en als dat niet mocht lukken een bedrag van ruim 550.000 – het bedrag dat de gemeente bespaard zou hebben door het het aantal te vervoeren leerlingen te verminderen.

“RMC heeft op verschillende grondslagen geprobeerd compensatie te krijgen en niet mee te hoeven gaan in die verrekening op basis van de bandbreedteclausule”, legt Liesbeth Haverkort uit. Zij is aanbestedingsadvocaat bij Infense Advocaten. “Zo werd onder meer aangevoerd dat RMC en de gemeente de gemaakte afspraken niet op dezelfde manier hadden begrepen, maar de rechter vindt de tekst van de overeenkomst gewoon duidelijk.”

Duidelijk voor alle inschrijvers

“Er stond in dat aan de indicatie geen rechten konden worden ontleend en dat het aantal leerlingen kon en mocht veranderen. In de Nota van Inlichtingen was zelfs nog gemeld dat er een aanpassing voor verordening voor het leerlingenvervoer zou kunnen komen, dat recht behield de gemeente zich voor. Dus volgens de rechter was alles van meet af aan duidelijk voor alle inschrijvers, ook voor RMC.”

Een daling van het aantal leerlingen was dan ook geen tekortkoming van de gemeente. Om die reden was er voor de rechter ook geen aanleiding om RMC in het gelijk te stellen. De vervoerder deed verder nog een beroep op ‘redelijkheid en billijkheid’: gezien de omstandigheden werd RMC wel erg hard door de ontwikkelingen geraakt en zou de overeenkomst alsnog moeten worden aangepast.

“Maar dat is volgens de rechter in het aanbestedingsrecht niet mogelijk”, vertelt Haverkort. “Afspraken die in een aanbesteding zijn gemaakt, mag je tijdens de looptijd niet wezenlijk wijzigen. De compensatie die RMC wilde zou het economisch evenwicht zijn voordeel doen verschuiven, terwijl daar geen heldere, verbintenisrechtelijke grondslag voor is. En dat benadeelt in feite de inschrijvers die de aanbesteding niet hebben gewonnen.Dus ook vanuit redelijkheid en billijkheid kon RMC niet tegemoet worden gekomen.

Geen rechten aan ontlenen

Daarmee bevestigt deze uitspraak wat veel taxiondernemers eigenlijk al weten: “Elk contract staat natuurlijk op zich, maar als er staat dat aan een indicatie geen rechten kunnen worden ontleend, dan kan dat ook echt niet. In deze aanbesteding stond er in de aanbestedingsstukken geen concrete compensatieregeling staat voor situaties waarin het vervoersvolume daalt, of zelfs fors daalt”, aldus Liesbeth Haverkort.

“In zulke gevallen is het aan de vervoerders om er in de aan te bieden prijzen rekening mee te houden dat de aantallen te vervoeren leerlingen in de jaren daarna flink kunnen veranderen”, vervolgt zij. “Dat risico is dan voor de vervoerder, zo bevestigt deze uitspraak. Je kunt je afvragen in hoeverre zo’n risicoverdeling proportioneel is met in potentie verstrekkende gevolgen voor de vervoerder, maar het is wel de orde van de dag”, aldus Haverkort.

Lees ook: Indicatie vervoersvolume is nog geen afnamegarantie voor taxibedrijf

Wil je ook elke week de gratis nieuwsbrief van TaxiPro ontvangen? Vul hier jouw e-mailadres in:

Auteur: Vincent Krabbendam

Vincent Krabbendam is de vaste redacteur van TaxiPro en het tijdschrift Nederlands Vervoer. Hij schrijft ook voor diverse andere titels van ProMedia.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.